![]() | De inspectie bezoekt dit voorjaar 100 zorginstellingen om te onderzoeken hoe ver zij zijn met het verantwoord terugdringen van vrijheidsbeperkende maatregelen. |
Het is bijna twee jaar geleden dat VWS het ‘Richtinggevend kader vrijheidsbeperkingen’ publiceerde, vooruitlopend op de wet Zorg en dwang die in de maak is om de wet BOPZ te vervangen. Alle zorginstellingen moeten deze richtlijn van VWS volgen en de Inspectie voor de Gezondheidszorg (IGZ) gaat dit voorjaar vaststellen hoe ver zij hiermee zijn. Dat zal gebeuren door middel van een toezichtsbezoek aan 50 instellingen voor ouderenzorg en 50 instellingen voor gehandicaptenzorg. De 100 instellingen zijn door middel van een a-selecte steekproef uitgekozen.
Wij praten hierover met Jessie Sluijsmans en Anja Jonkers van IGZ. Jessie is projectleider Terugdringen Vrijheidsbeperking VG en V&V. Zij heeft deze taak onlangs overgenomen van Jannie Speksnijder en begin maart zal de overdracht helemaal rond zijn. Anja Jonkers is programmaleider ouderenzorg en in deze hoedanigheid gedelegeerd opdrachtgever.
Winst halen
Over het standpunt van IGZ inzake vrijheidsbeperkende maatregelen (VBM) is Jessie Sluijsmans duidelijk: “Het kán en het móet anders.” Dat was dan ook de titel van het IGZ-onderzoeksrapport naar VBM, dat verscheen in 2008. “Uit die inventarisatie van de inspectie bleek dat in onze zorginstellingen vrijheidsbeperking veel voorkomt en dat er vaak niet gekeken wordt naar alternatieven. Daar is veel winst te halen!”
“Er is al veel gebeurd op het gebied van bewustwording”, zegt Anja Jonkers. “De kwaliteitsprogramma’s Zorg voor beter en Ban de band lopen bijvoorbeeld goed. En op het congres Zorg voor Vrijheid van afgelopen november in Ede was er ruime aandacht voor de dilemma’s waarmee personeel en cliëntvertegenwoordigers geconfronteerd worden bij het terugdringen van VBM.” Je zou dus kunnen constateren dat het onderwerp leeft. “IGZ gaat nu kijken hoe in de verschillende instellingen VBM teruggedrongen wordt en hoe verantwoord dat gebeurt. Hoeveel resultaat is er? Daar zijn we heel benieuwd naar.”
Breed spectrum VBM
De bezoeken, die plaatsvinden van februari tot april, zijn in het kader van thematisch toezicht op kwaliteit. Jessie Sluijsmans: “Tijdens onze bezoeken nemen we het hele spectrum van VBM mee. Dat loopt van onrustbanden en bedhekken tot het beperken van vrijheden als telefoneren, eten en roken.” “We gaan uit van de brede definitie van VBM,” verduidelijkt Anja Jonkers. “Die laten we los op alle plekken waar we komen. In welke mate lukt het nu al om die maatregelen terug te dringen?”
Kijkt de inspectie ook naar domotica? Uitluistersystemen en bewegingssensoren zijn ook VBM, hoewel van een heel andere orde dan fixatie, want ze helpen juist vaak om bewegingsvrijheid te behouden of herwinnen. “Uiteraard moet ook bijvoorbeeld cameratoezicht doelbewust worden toegepast, afgestemd op de persoon” zegt Anja Jonkers daarover. “De eerste vraag bij een VBM is altijd: ‘Wat is er met deze persoon? Waarom wil ik hem in zijn vrijheid beperken?’ Een individuele risicoanalyse is echt noodzakelijk en je moet telkens zoeken naar de minst ingrijpende manieren om veiligheid te bieden. Hoe zou je de oorzaken van het gedrag kunnen weghalen zónder VBM?”
Aandachtspunten
Waar gaat IGZ op letten tijdens de bezoeken? “De kwaliteitsbeoordeling valt uiteen in twee delen,” vertelt Jessie Sluijsmans. “Aan de ene kant bekijken we de randvoorwaarden die aanwezig zijn voor het terugbrengen van VBM. Dat zijn zaken als: wat is er aan beleid, is er een scholingsplan en hoe is het toezicht geregeld? Hoe werkt het beleid operationeel en is de uitvoering geborgd?”
“Aan de andere kant kijken we naar de praktijk van de zorgverlening . Op basis van het geheel geven we een inschatting van de kwaliteit van de zorg. Die beoordeling loopt van ‘geen risico’, via ‘laag’ naar ‘hoog’ of zelfs ‘zeer hoog risico’. De aspecten die we in de praktijk toetsen staan al genoemd in de checklist van het IGZ-rapport uit 2008. Dat zijn: Zorg als proces, Communicatie, Verantwoording, Deskundigheid, Preventiebeleid, Randvoorwaarden en Accommodatie. Elke instelling krijgt naar aanleiding van het bezoek een rapport, waarin een verantwoording van de beoordeling met de criteria is bijgevoegd.”
Maatregelen
Welke maatregelen gaat IGZ treffen als er ernstige tekortkomingen worden geconstateerd? Jessie Sluijsmans: “Als de randvoorwaarden bijvoorbeeld voor de helft ontbreken, zullen we onmiddellijke maatregelen nemen. Dan zijn er binnen enkele maanden verbeteringen nodig. Hetzelfde geldt als er sprake is van een ‘zeer hoog risico’. IGZ zal dan meteen aandringen op actie en toezien op de uitvoering.” “Is er sprake van een ‘hoog risico’, dan stelt de instelling een plan van aanpak op, dat de inspectie zal beoordelen. Het jaar daarop komen we vervolgens weer terug om de resultaten van het plan van aanpak te toetsen.” Anja Jonkers licht nog toe: “Er zijn ruim 1800 instellingen voor langdurige zorg met allerlei woonvormen, waar IGZ toezicht op moet houden. Met 50 inspecteurs is het niet haalbaar om over elke instelling elk jaar te rapporteren. Daarom werken we met gefaseerd toezicht. We leggen binnen de V&V rond de 400 bezoeken per jaar af, dat is inclusief het thematische kwaliteitstoezicht. In de VG zijn dat maximaal 250 bezoeken.”
Advies
Welk advies heeft IGZ voor zorginstellingen? Anja Jonkers: “Neem kennis van de ontwikkelingen van de afgelopen jaren op het gebied van terugdringen van VBM. Lees het IGZ rapport van 2008 en het Richtinggevend kader van VWS. Kijk naar goede voorbeelden als in Zorg voor beter en Ban de band. Ik vermoed dat er heel wat instellingen zijn die zich nog niet verdiept hebben in de nieuwe richtlijnen en die nog beleid voeren volgens de wet BOPZ. Door het verdwijnen van de scheidslijn tussen verpleeghuis en verzorgingshuis hebben de meeste verzorgingshuizen pas dit jaar voor het eerst echt te maken met het beleid rondom VBM. Verzorgingshuizen zullen het richtinggevend kader van VWS niet als eerste prioriteit hebben gehad. We gaan er echter bij het toetsen van uit dat de zorginstellingen dit soort ontwikkelingen volgen. Om het helemaal duidelijk te maken: Wij doen geen BOPZ-toetsing! We gaan echt doorvragen over het verantwoord terugdringen van VBM met als basis de nieuwe richtlijnen.”
Jessie Sluijsmans verduidelijkt nog even wat IGZ verstaat onder ‘verantwoord‘. “Verantwoord heeft vooral betrekking op de besluitvorming: is de VBM in multidisciplinair overleg genomen, is het goed beschreven in het zorgplan? Zijn er alternatieven besproken en was er overleg met de cliënt en/of de familie?”
De eindrapportage van dit thematische kwaliteitstoezicht onder 100 zorginstellingen zal naar verwachting door IGZ gepresenteerd worden in december 2010. Dan worden ook de individuele instellingsrapporten openbaar.













